```html Wanprestatie of oplichting? Het juridische verschil uitgelegd | Het Andere Beeld

Wanprestatie of oplichting? Waarom het verschil belangrijker is dan veel mensen denken

Wanneer wordt een ondernemer ten onrechte als oplichter gezien? En wat zegt de wet eigenlijk over wanprestatie, klachtplicht en oplichting?

Gepubliceerd door Het Andere Beeld

Op sociale media worden ondernemers regelmatig uitgemaakt voor "oplichter". Een bestelling wordt te laat geleverd, een verbouwing verloopt anders dan verwacht of een dienst voldoet niet aan de verwachtingen, waarna termen als fraude, bedrog en oplichting snel worden gebruikt.

Toch bestaat er juridisch een belangrijk verschil tussen een ondernemer die zijn afspraken niet nakomt en iemand die vanaf het begin de bedoeling had om een ander te misleiden.

Niet iedere ondernemer die fouten maakt is een oplichter. En niet iedere teleurgestelde klant is slachtoffer van fraude.

Wanneer is sprake van wanprestatie?

Wanprestatie is geregeld in artikel 6:74 van het Burgerlijk Wetboek.

Dit artikel bepaalt dat een partij die tekortschiet in de nakoming van een overeenkomst verplicht kan zijn de schade te vergoeden die daardoor ontstaat.

Artikel 6:74 BW

Iedere tekortkoming in de nakoming van een verbintenis verplicht de schuldenaar de schade die de schuldeiser daardoor lijdt te vergoeden, tenzij de tekortkoming hem niet kan worden toegerekend.

Bij wanprestatie bestaat een geldige overeenkomst, maar komt één van de partijen de gemaakte afspraken niet, niet volledig of niet tijdig na.

Dat kan leiden tot aansprakelijkheid, schadevergoeding of ontbinding van de overeenkomst, maar vormt op zichzelf geen strafbaar feit.

Ook de benadeelde partij heeft verplichtingen

Veel mensen realiseren zich niet dat ook de benadeelde partij verplichtingen heeft.

Artikel 6:89 BW bevat de zogenaamde klachtplicht.

Artikel 6:89 BW

De schuldeiser kan geen beroep meer doen op een gebrek in de prestatie indien hij niet binnen bekwame tijd nadat hij het gebrek heeft ontdekt of redelijkerwijs had behoren te ontdekken hierover heeft geklaagd.

Dit betekent dat een partij die meent schade te hebben geleden niet onbeperkt kan afwachten.

De wederpartij moet een redelijke kans krijgen om:

Eerst herstellen, daarna escaleren

In veel situaties zal een ondernemer eerst in de gelegenheid moeten worden gesteld om alsnog correct na te komen.

Dat gebeurt vaak via een ingebrekestelling waarin een redelijke termijn voor herstel wordt gegeven.

Pas wanneer herstel uitblijft, ontstaan vaak verdere juridische mogelijkheden.

Wanneer is sprake van oplichting?

Oplichting is een strafbaar feit en is opgenomen in artikel 326 van het Wetboek van Strafrecht.

Artikel 326 Wetboek van Strafrecht

Degene die met het oogmerk zichzelf of een ander wederrechtelijk te bevoordelen door een valse naam, valse hoedanigheid, listige kunstgrepen of een samenweefsel van verdichtsels iemand beweegt tot afgifte van geld, goederen of diensten, kan zich schuldig maken aan oplichting.

De kern van oplichting is dat het bedrog vanaf het begin aanwezig is.

De overeenkomst wordt niet gebruikt om afspraken na te komen, maar als middel om iemand te misleiden.

Het verschil zit vaak in de intentie

Bij wanprestatie bestaat meestal de bedoeling om afspraken uit te voeren, maar gaat de uitvoering mis.

Bij oplichting bestaat de bedoeling om te misleiden al bij het aangaan van de overeenkomst.

Dat verschil is juridisch cruciaal.

Waarom dit belangrijk is voor beeldvorming

In de praktijk zien wij regelmatig dat juridische termen onderdeel worden van beeldvorming.

Woorden als fraude, oplichting en bedrog worden soms gebruikt terwijl juridisch vooral sprake lijkt van een contractueel conflict.

Voor buitenstaanders ontstaat vervolgens een beeld dat veel verder gaat dan de juridische werkelijkheid.

Het verschil tussen "hij komt zijn afspraken niet na" en "hij is een oplichter" lijkt klein, maar juridisch en maatschappelijk is het verschil enorm.

Onze visie

Bij Het Andere Beeld zien wij regelmatig dat reputaties schade oplopen doordat juridische termen onjuist worden gebruikt of verkeerd worden geïnterpreteerd.

Niet iedere tekortkoming is oplichting. Niet iedere teleurgestelde klant is slachtoffer van fraude. En niet iedere ondernemer die een fout maakt is een oplichter.

Juist daar ontstaat vaak het verschil tussen feiten, juridische werkelijkheid en maatschappelijke beeldvorming.

Herkent u zich in dit onderwerp?

Soms ontstaat reputatieschade niet door wat er daadwerkelijk is gebeurd, maar door de manier waarop gebeurtenissen worden geïnterpreteerd. Wij helpen bij het analyseren van beeldvorming en context.

Bekijk onze diensten
```