Smaad, laster en faillissementsverslagen

Veel mensen die te maken krijgen met een faillissement ervaren dat niet alleen het faillissement impact heeft, maar vooral ook het beeld dat daarna ontstaat. Niet alleen door wat er letterlijk in een verslag staat, maar ook door hoe anderen die informatie interpreteren, doorvertellen en invullen.

Een faillissementsverslag is juridisch gezien bedoeld als verslaglegging van de curator richting schuldeisers en rechtbank. Toch worden passages uit zulke verslagen in de praktijk vaak gelezen alsof het vaststaande waarheden of definitieve conclusies zijn.

Juist daar ontstaat regelmatig spanning.

“Wat juridisch bedoeld is als verslaglegging, wordt maatschappelijk vaak gelezen als oordeel.”

Wanneer ontstaat beeldvorming?

Mensen lezen zelden neutraal.

Zeker bij onderwerpen als faillissement, geldproblemen of onderzoek door een curator, vullen mensen informatie vaak zelf verder in. Een enkele passage kan daardoor leiden tot veel bredere conclusies dan juridisch bedoeld wordt.

Bijvoorbeeld:

Terwijl een curator in veel gevallen slechts vragen stelt, onderzoek aankondigt of voorlopige bevindingen noteert.

Dat onderscheid verdwijnt in de praktijk vaak snel.

Smaad en laster zonder volledige naam

Wat veel mensen niet weten, is dat voor smaad of laster niet altijd vereist is dat iemand letterlijk met volledige naam genoemd wordt.

De juridische kernvraag is vaak:

Was voor anderen duidelijk over wie het ging?

Identificeerbaarheid kan namelijk ook ontstaan door een combinatie van gegevens en omstandigheden, zoals:

Wanneer mensen daardoor begrijpen over wie het gaat, kan alsnog sprake zijn van aantasting van eer en goede naam.

Dat volgt uit de bredere juridische beoordeling van context en herkenbaarheid binnen artikel 261 en 262 van het Wetboek van Strafrecht.

Waarom aangifte in de praktijk vaak lastig is

Veel mensen lopen tegen hetzelfde probleem aan:

de politie kijkt vaak sterk naar de letterlijke tekst van een faillissementsverslag en gaat er geregeld vanuit dat de inhoud afkomstig is van een officiële bron en dus “waar” zal zijn.

Daardoor ontstaat soms weinig aandacht voor:

Ook wordt soms te beperkt gekeken naar identificeerbaarheid.

Dat een volledige naam niet letterlijk genoemd wordt, betekent juridisch niet automatisch dat geen sprake kan zijn van smaad of laster.

“Beeldvorming ontstaat niet alleen door wat letterlijk wordt gezegd — maar ook door wat mensen uit informatie afleiden.”

Onze visie

Niet iedere negatieve ervaring of harde passage is automatisch smaad of laster.

Maar wij zien in de praktijk wel regelmatig dat:

Dat kan grote impact hebben op:

Juist daarom geloven wij dat niet alleen gekeken moet worden naar de letterlijke woorden, maar ook naar:

Wat vaak vergeten wordt

Veel mensen voelen direct de behoefte om zichzelf te verdedigen of alles recht te zetten.

Maar juist in situaties waarin emoties, schaamte of reputatie een rol spelen, kan een snelle reactie het beeld soms versterken.

Daarom kijken wij eerst naar:

Het gaat niet alleen om de inhoud van een verhaal, maar om de manier waarop dat verhaal door anderen wordt begrepen.

Herken je jezelf hierin?

In een eerste gesprek kijken we samen naar jouw situatie, de ontstane beeldvorming en mogelijke vervolgstappen.

Soms is handelen verstandig. Soms juist niet. Maar inzicht komt altijd vóór reactie.

Bespreek jouw situatie